In de Alpen zijn hoge bergen. Er ligt eeuwig sneeuw en ijs. En er zijn gletsjers. Dat zijn stenige ijsvlaktes. In de zomer van 1991 vinden twee wandelaars daar een ijsmummie. De ijsmummie ligt daar al meer dan 5000 jaar! Hij krijgt de naam Ötzi, want zo heet het dal waar hij is gevonden. Archeologen en artsen hebben het lichaam, de kleding en de spullen van Ötzi heel goed onderzocht. Er is zo heel veel ontdekt. Ötzi was de vondst van de eeuw! Dankzij hem weten we nu veel meer over het leven in de Steentijd, in het tijdvak van jagers en boeren.
Hunebedden zijn de oudste bouwwerken van Nederland. Deze grote zwerfkeien werden op elkaar gestapeld en gebruikt als graven. Ze zijn zelfs ouder dan de piramides in Egypte. Ongeveer 5400 jaar geleden zijn de hunebedden gebouwd.
De prehistorie is de geschiedenis van de mensheid voordat mensen konden lezen en schrijven. We hebben uit de prehistorie daarom geen boeken, dagboeken of andere geschreven bronnen. Het meeste wat we over de prehistorie weten komt door vondsten uit de grond. Een deel van de prehistorie heet de steentijd. Die tijd werd zo genoemd omdat mensen in die tijd gereedschap maakte van steen. De steentijd duurde heel lang en daarom is de tijd opgedeeld in de oude steentijd, de midden steentijd en de nieuwe steentijd.
Ongeveer 5000 jaar geleden werden de eerste piramides gebouwd door de oude Egyptenaren. Het waren enorme bouwwerken waar vaak wel meer dan 30 jaar aan gebouwd werd. Hoe deden de Egyptenaren dat? Hoe werden die stenen naar boven gebracht? Hadden ze al hijskranen?