In het wild kun je deze vogeltjes in Afrika tegenkomen. Sinds de 18e eeuw zijn ze naar Europa gekomen, waar mensen ze zijn gaan houden als huisdier. In het Engels heten ze dus lovebirds, vanwege hun aanhankelijke gedrag. Ze blijven hun hele leven één partner trouw en zijn erg aanhalig. In Frankrijk worden ze les inséparables genoemd en in Duitsland die Unzertrennlichen, wat in beide gevallen 'de onafscheidelijken' betekent.
In het Nederlands hebben we geen naam voor deze vogels in onze eigen taal. Agapornis is een wetenschappelijke naam, die uit het Grieks afkomstig is. Het is een samenstelling uit de woorden agapein wat liefkozen betekent en ornis wat vogel betekent.
Let er bij het kopen op, dat de vogel mooie goede veren heeft.
Zorg er vervolgens thuis voor, dat:
Agaporniden leven in tropische gebieden in Afrika en Madagascar. Daar eten ze zaden, vruchten, bessen, bladknoppen, bloemen en insecten.
Nu mensen ze ook in huis hebben, eten ze vaak ook heel andere dingen. Eten voor de agapornis haal je bij de dierenwinkel. Meestal zijn dit zaadmengsels. De zaden die hierin zitten zijn onder andere: kanariezaad, gepelde haver, lijnzaad en haver. Elke agapornis vindt weer andere dingen lekker. Je kunt dus echt merken dat er bepaalde zaden blijven liggen, omdat hij deze niet lust.
Als je je vogel wilt verwennen, kun je 'm een stukje fruit, maïs of broccoli geven.
Hoe groter de kooi, hoe beter de agapornis zich voelt. Hij houdt van veel leefruimte. Op de bodem van de kooi mag een laagje schelpenzand. Ververs dit om de drie of vier dagen, omdat hier de ontlasting blijft liggen. Zet de kooi op een plek, waar hij direct in het zonnetje kan zitten en waar je makkelijk de vloer kunt schoonmaken. De agapornis is nogal een knoeikont met eten en gooit regelmatig het een en ander uit zijn kooi.
Er is geen extra informatie over dit onderwerp gevonden.