Aletta Jacobs was een bijzondere vrouw. Zij leefde in een tijd waarin heel anders over vrouwen werd gedacht dan nu. Studeren en werken, dat waren dingen die niet bij een vrouw hoorde! Aletta Jacobs deed dit toch. Zij ging geneeskunde studeren en werken als dokter. Aletta Jacobs heeft veel gedaan voor de vrouwen in haar tijd. Ze heeft gestreden voor het vrouwenkiesrecht. En zij was een voorstander voor het gebruik van een voorbehoedsmiddellen. Daardoor kon een vrouw zelf kiezen of zij kinderen wilde.
Hieronder lees je meer over deze bijzondere vrouw.
Op 9 februari 1854 werd Aletta Henriëtte Jacobs in het Groningse dorp Sappemeer geboren. Aletta was het achtste kind en na haar werden er nog drie geboren. Het gezin bestond dus uit elf kinderen. Aletta´s vader, Abraham Jacobs, was een huisarts en haar moeder, Anna de Jongh, zorgde voor het huishouden. Toen Aletta zes was wist ze al dat ze dokter wilde worden, net als haar vader. Maar in haar tijd werden alleen jongens dokter. Een net meisje hoorde naar een jongedamesschool te gaan. Op zo´n school heeft Aletta het maar veertien dagen uitgehouden. Toen werd ze ziek. Haar grote broer Julius ontfermde zich over haar. Samen droomden ze over een toekomst waarin Aletta dokter zou zijn. En die droom kwam uit! Toen Aletta beter was ging zij studeren voor het examen van leerling-apotheker. Op 26 juli 1870 behaalde ze dit diploma en daarna lukte het haar toestemming te krijgen om een jaar proef te gaan studeren aan de universiteit. Jongens kregen nooit een proefjaar. Op 20 april 1871 ging zij als eerste meisje in Nederland naar de universiteit. Omdat Aletta hele goede cijfers haalde, mocht ze na haar proefjaar blijven. Zeven jaar later slaagde ze voor het artsexamen.
Dokter Aletta Jacobs ging werken in Amsterdam. Aan de Herengracht begon ze een praktijk. In die tijd keken de mensen erg op tegen een dokter. Patiënten vroegen niet verder als de dokter een advies gaf of medicijnen voorschreef. Het zou wel goed zijn want de dokter had er toch voor gestudeerd! Aletta Jacobs vond dat de patiënten best vragen mochten stellen. Het was immers belangrijk dat de patiënten begrepen wat ze mankeerden en waarom ze bepaalde pillen moesten slikken. Zij heeft dan ook een boek geschreven dat heette ´De vrouw, haar bouw en inwendige organen´. Vrouwen konden hieruit leren hoe hun eigen lichaam in elkaar zat en hoe het werkte.
Twee keer per week behandelde Aletta Jacobs arme volksvrouwen gratis. De meesten hadden veel kinderen. Aletta Jacobs merkte dat de vrouwen hier zwakker van werden. Zij kende de Duitse arts Mensinga en die was bezig met het onderzoek naar een voorbehoedmiddel (dat is een middel dat er voor zorgt dat een vrouw niet zwanger raakt). Dit voorbehoedmiddel liet Aletta Jacobs door een paar patiënten uitproberen. Het bleek goed te werken. Toen besloot ze om het te geven aan alle vrouwen die dat wilden. Daar kreeg zij veel kritiek op van anderen. Die waren er fel op tegen dat vrouwen zelf konden kiezen om zwanger te willen worden of niet. Dat was in hun ogen een grote zonde! Een kind krijgen was immers een geschenk van God. Maar in de loop van de tijd gingen steeds meer dokters, ook de dokters die er eerst tegen waren, het voorbehoedmiddel voorschrijven.
In 1883 vroeg Aletta Jacobs een stembriefje aan. In de wet stond dat elke Nederlander die belasting betaalde, mee mocht doen aan de verkiezingen. En Aletta Jacobs was Nederlandse en zij betaalde belasting. Toch mocht zij niet stemmen! Zij was een vrouw. Politiek was iets voor mannen! De wet werd gelijk veranderd. In 1887 werd een wet geschreven waarin stond dat alleen Nederlandse mannen die belasting betaalden mochten stemmen. Aletta liet het er niet bij zitten. Samen met een aantal andere vrouwen richtte zij de ´Vereniging voor Vrouwenkiesrecht´ op. In 1903 werd Aletta Jacobs presidente van deze vereniging. Zij trok het hele land door om lezingen te geven. Ook schreef ze artikelen voor kranten en tijdschriften, organiseerde ze congressen en bijeenkomsten en onderhield ze contacten met vrouwen in het buitenland die ook voor het vrouwenkiesrecht streden. In 1919 werd haar jarenlange strijd beloond. Vrouwen kregen toen het recht om deel te nemen aan de verkiezingen. In 1922 gingen vrouwen voor het eerst naar de stembus.
In de tijd waarin Aletta Jacobs leefde, dus rond 1900, keek men heel anders tegen vrouwen aan dan nu. Een meisje hoefde bijvoorbeeld niet te gaan studeren. Ze zou later toch gaan trouwen, dus waar was dat voor nodig. Een meisje moest het huishouden goed kunnen doen en weten hoe ze een gezin moest verzorgen. Voordat ze trouwde mocht ze wel werken, bijvoorbeeld als typiste of verpleegster, maar als ze eenmaal getrouwd was niet meer. Dan werd ze ontslagen. Voor een man was het vernederend als zijn vrouw werkte. Dan zou het lijken of hij in zijn eentje niet genoeg geld voor het gezin kon verdienen.
Aletta Jacobs heeft veel gedaan voor de vrouwen in haar tijd. Zij is als eerste vrouw gaan studeren. Zij was de eerste arts. Ze heeft gestreden voor het vrouwenkiesrecht. En zij was een voorstander voor het gebruik van een voorbehoedmiddel. Daardoor kon een vrouw zelf kiezen of zij kinderen wilde.
Honderdvijftig jaar geleden konden alleen jongens studeren aan een universiteit. Aletta Jacobs bracht daar verandering in. Zij heeft studeren voor meisjes mogelijk gemaakt.
Er is geen extra informatie over dit onderwerp gevonden.