Werkstuk of spreekbeurt?

Werkstuk of spreekbeurt?

lieveheersbeestje legt eitjes
jachtluipaard of cheeta
nijlpaard met kop boven water

nijlpaard


Moet je druk aan de slag voor school? Lees dan hoe je dat aan kunt pakken, op de schooltv-site:



Je vindt daar handige tips voor het schrijven van je werkstuk of het voorbereiden van je presentatie of spreekbeurt.
Er staan ook voorbeelden die door jullie leeftijdsgenootjes zijn gemaakt.

Zo maak je een werkstuk

Ga je een werkstuk maken? Lees dan eerst deze tips. 1. Neem een onderwerp dat je écht leuk vindt.

2. Verzamel informatie over dat onderwerp. Hier op deze site kun je van alles vinden. Maar kijk ook eens in de boekenkast thuis of op school of in de bibliotheek. Ook is er veel informatie te vinden op: www.davindi.nl
En: misschien ken je wel iemand die veel weet over jouw onderwerp: je vader of moeder, de buren, een tante of oom, de vader of moeder van een vriendje of vriendinnetje. Gewoon vragen!

3. Bedenk een mooie titel voor je werkstuk.

4. Denk goed na over wát je wilt vertellen. Niet teveel maar ook niet te weinig!
Schrijf een paar punten op. Dat kunnen hoofdstukken worden.

5. Zoek mooie plaatjes die passen bij wat je wilt vertellen over jouw onderwerp.

6. Ga nu schrijven. Schrijf niet zomaar iets over. Gebruik je eigen woorden. Dan wordt het veel leuker en helemaal van jouzelf!

7. Laat ruimte over voor de plaatjes die je hebt gevonden. Schrijf ook iets bij de plaatjes.

8. Maak een mooie voorkant voor je werkstuk. Hierop moet in elk geval staan: de titel en je naam en klas. Ook een datum is handig.
Plak er ook een plaatje bij. Met nietjes of een touwtje bind je alles goed aan elkaar.

Klaar!

Zo houd je een spreekbeurt

Ga je een spreekbeurt houden? Lees dan eerst deze tips. 1. Neem een onderwerp dat je écht leuk vindt.

2. Verzamel informatie over dat onderwerp. Hier op deze site kun je van alles vinden. Maar kijk ook eens in de boekenkast thuis of op school of in de bibliotheek. Ook is er veel informatie te vinden op: www.davindi.nl
En: misschien ken je wel iemand die veel weet over jouw onderwerp: je vader of moeder, de buren, een tante of oom, de vader of moeder van een vriendje of vriendinnetje. Gewoon vragen!

3. Bedenk een goede titel voor je spreekbeurt.

4. Denk goed na over wát je wilt vertellen. Niet teveel maar ook niet te weinig!
Schrijf een paar punten op. Dat kunnen hoofdstukken worden.


5. Schrijf je spreekbeurt helemaal op.

6. Ga nu eerst een samenvatting maken. Dat is je spreekbeurt maar dan in het heel kort. Dus dat worden geen lange zinnen maar losse woorden. Natuurlijk niet zomaar woorden maar de belangrijkste woorden!
Dit lijstje met de belangrijkste woorden is je spiekbriefje.

7. Probeer je spreekbeurt nu uit je hoofd te doen. Je mag je spiekbriefje daarbij gebruiken. Vraag iemand naar je te komen luisteren of gebruik de spiegel als publiek.

8. Verzamel spullen, plaatjes of foto's die je kunt meenemen naar de klas die te maken met je spreekbeurt.


En dan is het zover: in de klas!
Tip 1: Kijk zoveel mogelijk naar je klasgenoten. Niet steeds naar dezelfde kinderen maar naar iedereen. Zo zorg je ervoor dat ze allemaal naar je luisteren.

Tip 2: De spullen die je hebt meegebracht kun je laten rondgaan ná je spreekbeurt, niet als je praat, want dan luistert niemand meer naar jou!

Veel succes!