MassaMedia

Geschiedenis van de reclame

Reclame wordt steeds brutaler

We worden dagelijks overspoeld door reclame; op televisie, in de krant, op bushokjes, op gebouwen en tegenwoordig zelfs op de wc als je gaat stappen. Veel reclame is irritant en absoluut niet mooi of aantrekkelijk. Maar reclame kan ook heel grappig of kunstzinnig zijn.

Reclameposters van honderd jaar geleden hang je nu misschien ingelijst aan de muur en sommige tv-spotjes winnen prijzen voor korte filmpjes op filmfestivals. Een overzicht van reclame door de eeuwen heen.

De opkomst van reclame

Reclame bestaat al langer dan je misschien zou denken. Al in de zestiende eeuw stonden er advertenties in de kranten. In het midden van de 19e eeuw begon reclame een steeds belangrijkere rol te spelen. Er werd meer gehandeld, de steden werden groter en de concurrentie ook. Producenten en winkeliers moesten hun producten aan de man brengen en producten werden steeds meer onder een merknaam verkocht.

Zwart-wit

De advertenties waren eerst in zwart-wit en ze bestonden in hoofdzaak uit tekst. Frankrijk was het eerste land waar bekende kunstenaars reclameposters gingen ontwerpen. Toulouse Lautrec ontwierp prachtige theateraffiches. Een Nederlands voorbeeld is het affiche dat de Jugendstilschilder Jan Toorop voor de Nederlandse oliefabriek ontwierp. Jugendstil is in de volksmond zelfs slaoliestijl gaan heten.

Minderwaardig

In 1870 zag je alleen reclames op uithangborden en gevelstenen. Ook huurden kooplui omroepers in om op de markt te schreeuwen. Reclame en handel waren lang iets minderwaardigs. Via mond-tot-mondreclame hoorden mensen of producten goed waren. Een aankoop keurde je zelf; als een koopman iets moest aanprijzen was het blijkbaar niet geweldig. Jongeren kochten nooit iets.

Twintigste eeuw

Aan het begin van de 20e eeuw was het vrij rustig op reclamegebied. Wel namen steeds meer bedrijven een kunstenaar in de arm om mooie gestileerde advertenties te ontwerpen. Een mooi voorbeeld van de stijl in die tijd zijn de reclames van Van Nelle. De Eerste Wereldoorlog was ook in Nederland merkbaar en aan het einde van de Tweede Wereldoorlog was het helemaal niet meer nodig om reclame te maken, er was tenslotte nauwelijks niets dat verkocht kon worden. Na de oorlog zag je soms nog advertenties die op een grappige manier een toespeling maakten op een periode die iedereen zo snel mogelijk wilde vergeten.

Massaproductie

Na de oorlog kwam de massaproductie op gang en nam de koopkracht van veel mensen toe. Er kwamen grote hoeveelheden producten op de markt, zoals telefoons, huishoudelijke apparaten en auto's, voor heel veel mensen. Dit veranderde het denken over reclame. In reclameboodschappen stond toen de kwaliteit en de prijs van producten centraal. Door de komst van de krant, radio en tv konden reclamemakers de mensen nog indringender bereiken. De consumptie steeg; ook jongeren gingen meer besteden.

Voor het eerst op tv

Zwart-wit foto van een gezin voor de televisie

Rond 1960 was er nog helemaal geen reclame op de televisie. Er verschenen advertenties in de krant en in tijdschriften, maar daar bleef het bij. In 1967 verscheen de eerste reclame op tv. Niet op zondag want dat was verboden. Maar nu zendt de STER op alle dagen van de week uit.

Consumptiemaatschappij

Na 1970 nam de welvaart voor iedereen enorm toe. Nederland werd een consumptiemaatschappij. Omdat alle producten nu kwalitatief goed zijn, richten reclames zich op andere aspecten. Mensen willen zich altijd onderscheiden van anderen. Reclamemakers presenteren daarom sommige producten alsof ze exclusief horen bij bepaalde sociale groepen met een eigen levensstijl. Ook benaderen ze mensen steeds meer persoonlijk, bijvoorbeeld via sms of direct mail.

Steeds meer reclame

In 1989 kwamen de eerste commerciële zenders met programma's voor het Nederlandse publiek. Deze stations krijgen geen geld van de overheid en zijn volledig afhankelijk van reclame-inkomsten. Bij commerciële zenders worden kijkers overspoeld met reclameboodschappen. Ze onderbereken zelfs hun programma's om reclame uit te zenden.

'Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg'

In de periode na de Tweede Wereldoorlog was Nederland druk bezig het land weer op te bouwen. De mentaliteit ‘doe maar gewoon dan doe je al gek genoeg’ was duidelijk merkbaar. De advertenties uit deze tijd waren sober. In Amerika zag je wel advertenties met veel kleur die luxe en welvaart uitstraalden. Deze advertenties zijn de voorlopers geweest van de advertenties die wij sinds de jaren ‘80 kennen, waarin de wereld van de reclame mooier is dan het echte leven, een wereld om bij weg te dromen.