In Nederland worden naast de regionale omroepen drie zenders betaald uit de publieke middelen: Nederland 1, 2 en 3. De publieke omroepen vullen de zendtijd. Daarnaast zijn er verschillende Nederlandse commerciële zenders.
In 1951 vond de eerste televisie-uitzending in Nederland plaats. De NTS, een samenwerkingsverband tussen de verschillende omroepen, verzorgde deze uitzending. Pas in 1956 kregen ook de radio-omroeporganisaties zendtijd op televisie toegewezen.
Zuilen
Nederland was in die tijd opgedeeld in zuilen. Particuliere groepen richtten op allerlei terreinen eigen organisaties op (politiek, onderwijs, gezondheidszorg, cultuur, vrije tijd) om de eigen aanhang bijeen te houden. Ook de omroepverenigingen waren verzuild.
De verzuilde omroepverenigingen waren verplicht om een volledig programma te verzorgen, bestaande uit informatie, educatie, cultuur en verstrooiing. Tegelijkertijd mochten de uitingen van de ene omroep niet kwetsend zijn voor de andere. Vóór de oorlog bestond er zelfs een preventieve censuur.
Nationale omroep
De AVRO (Algemene Vereniging Radio Omroep) streefde naar een nationale omroep, waar voor alle stromingen ruimte zou zijn. In het Zendtijdbesluit (voor de radio) van 1930 werd echter gekozen voor een verzuild bestel i.p.v. een nationaal bestel zoals de BBC heeft.
De VARA (Vereniging van Arbeiders Radio Amateurs) richtte zich vanaf 1925 op de socialistische zuil. De Vrijzinnig Protestantse Radio Omroep (VPRO) en de Nederlands Christelijke Radio Vereniging (NCRV) behoorden tot de protestants-christelijke zuil. De KRO, de Katholieke Radio Omroep, maakte radio en televisie voor de katholieke zuil.
Vertrossing
Er werd geklaagd dat de oude omroepen niet voldoende met hun tijd meegingen. Nieuwe omroepen als de Televisie en Radio Omroep Stichting (TROS) (1966) en Veronica (1975) speelden in op de opkomst van de jeugdcultuur. De TROS zette radio en televisie vooral in als amusementsmedia en won hier veel leden mee.
Sinds de Omroepwet van 1969 werd de zendtijd verdeeld naar ledenaantallen van de omroepen. Om niet teveel leden te verliezen pasten de andere omroepen hun programmering aan en vervingen informatieve programma's door meer vermaak. Tegenstanders van deze ontwikkeling noemden dit 'vertrossing'. Als reactie ontstond de sandwichstrategie. Hierbij werd een zwaar programma tussen twee populaire programma’s in geplaatst. Omroepen hoopten zo dat de kijkers bleven hangen.
Omzeilen wetten
De overheid probeerde de ontwikkeling die door de TROS in gang was gezet in de jaren zeventig te stoppen. De verscheidenheid die onbedoeld door de verzuiling ontstaan was, moest gegarandeerd worden om de informerende en meningsvormende rol te waarborgen. Toch hielp dit niet. Er ontstonden in 1989 zelfs commerciële omroepen. Ondanks alle tegenwerking begon RTL Veronique (later RTL4) uit te zenden via de kabel en de satelliet. Om de Mediawet te kunnen omzeilen, zonden ze uit vanuit Luxemburg.
Dit omzeilen van de wet gebeurde al veel eerder. Voordat Veronica een publieke omroep werd, zond het uit vanaf een schip. Dit schip lag buiten de territoriale wateren van Nederland. Daardoor konden ze de Nederlandse omroepwet omzeilen, want die gold niet voor dat gebied.
Mediawet
In de Mediawet van 1988 werd het volledige programmavoorschrift aangescherpt. Het programma-aanbod van de omroepen moest voortaan bestaan uit minimaal: 20% cultuur, 25% informatie, 25% verstrooiing en 5% educatie. Minstens de helft van deze programma's moest uit zelfgemaakte of in opdracht gemaakte programma’s bestaan.
