Economie voor het VMBO

Vier soorten werkloosheid

Foto van een bord boven een vacaturebank

Als de beroepsbevolking sneller groeit dan de werkgelegenheid, stijgt de werkloosheid. Maar groeit de werkgelegenheid harder dan de beroepsbevolking, dan neemt de werkloosheid af.

Werkloosheid wordt onderverdeeld in 4 soorten. Elke soort heeft zo zijn eigen oorzaak.

Conjuncturele werkloosheid

Conjuncturele werkloosheid ontstaat als het economisch slechter gaat. De vraag van consumenten naar goederen en diensten neemt af, waardoor er tijdelijk minder geproduceerd wordt. Er zijn minder arbeidskrachten nodig en daardoor raken meer mensen werkloos.

Structurele werkloosheid

Er zijn onvoldoende arbeidsplaatsen voor iedereen die wil en kan werken. En mensen zijn vaak te laag opgeleid voor het werk dat aangeboden wordt. Zij willen niet of kunnen niet verhuizen naar de plaatsen in het land waar wel werk is. Structurele werkloosheid is moeilijk op te lossen en meestal van langere duur.

Seizoenswerkloosheid

Mensen hebben voor een deel van het jaar werk en zijn de rest van het jaar werkloos. Als je bijvoorbeeld in de zomer in een strandtent in de bediening werkt of je steekt asperges in april en mei en de rest van het jaar heb je geen werk, dan ben je een seizoenswerkloze.

Frictiewerkloosheid

Als je van baan wisselt en een korte tijd zonder werk bent of als je van school komt en even op zoek bent naar een baan, dan wordt dat frictiewerkloosheid genoemd. Frictiewerkloosheid gaat over de korte tijd die nodig is om een baan te vinden.