De afkorting NGO staat voor niet-gouvernementele organisatie (in het Engels: non governmental organization). NGO’s zijn organisaties die geen bedrijven of overheden zijn. Deze organisaties worden door politici meestal ‘maatschappelijke organisaties’ genoemd.
Een NGO:
- opereert onafhankelijk van de overheid
- mag niet als een politieke partij zijn opgericht
- mag geen winstoogmerk hebben
- mag geen criminele organisatie zijn
In Nederland wordt een deel van de ontwikkelingshulp gefinancierd en georganiseerd door de NGO’s. Deze zijn zeer divers in wat ze doen. Vaak hebben de NGO’s een thema waar ze zich mee bezig houden. Voorbeelden hiervan zijn milieu, mensenrechten, en ontwikkelingssamenwerking. Op deze verschillende gebieden geven de NGO’s adviezen en verstrekken zij hulp. Zowel op lokaal, nationaal en internationaal niveau.
Voorbeelden van NGO’s
Zo zet de NGO Hivos zich onder andere in voor vrouwenrechten in Iran en geeft de NGO Oxfam Novib onder andere geld en (nood)hulp aan mensen die getroffen zijn door een grote ramp, zoals de overstromingen in Pakistan. Hun geld is afkomstig van vrijwillige en particuliere bronnen. Denk hierbij aan fondswerving en inzamelingsacties als giro 555.
Subsidies
Sommige NGO’s ontvangen ook subsidies van de overheid. Voorbeelden van bekende NGO’s zijn: Artsen zonder Grenzen, Amnesty International, Greenpeace, World Vision en het Rode Kruis. Op de websites van deze organisaties kun je vinden waar deze NGO’s precies voor staan (thema) en wat ze allemaal doen (soort hulp).

