In de grondwet staat hoe Nederland bestuurd moet worden en wat de rechten en plichten van de burgers zijn.
De nieuwe grondwet is maar een dun boekje. Dat dunne boekje is wel de basis voor het bestuur van Nederland. De belangrijkste zin uit de nieuwe grondwet is:
De koning is onschendbaar, de ministers zijn verantwoordelijk.
Verantwoordelijkheid
De ministers zijn sinds 1848 niet langer dienaren meer van de koning. Zij maken nu de wetten, zij nemen de besluiten en niet meer de koning. De koning kan niets meer doen zonder hun toestemming. De ministers zijn nu verantwoordelijk voor alles wat de koning doet. Zij hebben ministeriële verantwoordelijkheid. De koning blijft nog wel staatshoofd, maar hij verliest zijn politieke macht.
Kamerleden
De leden van de Eerste Kamer worden niet meer door de koning benoemd, maar door de leden van de Provinciale Staten (het parlement van een provincie). De leden van de Tweede Kamer worden rechtstreeks gekozen door de burgers, maar alleen door mannen die veel belasting (census) betalen. Dit wordt het censuskiesrecht genoemd.

