Ieder jaar gaan 100 miljoen mensen als toerist naar de Alpen: om er te skiën, bergen te beklimmen of te wandelen. Voor al die vakantiegangers zijn hotels gebouwd en snelwegen aangelegd. Er zijn vele hectaren bos gekapt om skiliften te bouwen. De landbouw en het toerisme zijn er samen de oorzaak van dat het ecosysteem, het natuurlijke evenwicht, in de Alpen ernstig is verstoord.
De eerste boeren kun je daar de schuld niet van geven. Zij wisten dat het kappen van bomen problemen veroorzaakte. Daarom legden ze op hellingen terrassen aan, zodat de landbouwgrond horizontaal kwam te liggen. In de winter droegen ze de toch naar beneden gespoelde humus in korven weer naar boven. Bovendien zorgden ze dat er geen bossen gekapt werden die boven een dorp lagen. Daardoor bleef dat dorp voor lawines gespaard.
Bosbouw
Toch lukte het de boeren uiteindelijk niet om het evenwicht in stand te houden. Er kwamen steeds meer mensen in de dalen wonen. De bosbouw-industrie werd in de negentiende eeuw commerciëler. Dat kwam omdat er meer vraag kwam naar hout. Er werden autowegen en spoorlijnen aangelegd om het hout naar de omliggende streken te vervoeren.
De eerste toeristen
Via diezelfde spoorlijnen kwamen de eerste toeristen naar de Alpen. Dat waren voornamelijk rijke Engelsen. Ze kwamen voor hun plezier bergen beklimmen. En dat leverde geld op. Want de Engelsen huurden boeren als berggidsen. Werken als gids betekende voor de boer dat hij een centje bijverdiende. En zo is het begonnen.
Beperkt toerisme
De eerste 50 jaar waren er geen problemen. Er waren weinig hotels en de vakantiegangers maakten alleen gebruik van de mogelijkheden die de plaatselijke bevolking te bieden had. Dit beperkte toerisme zorgde ervoor dat in de dorpen die ver van de bewoonde wereld lagen, plotseling goed werd verdiend. De welvaart steeg.
Massatoerisme
Rond 1960 kwam het massatoerisme in de Alpen op gang. Binnen een paar jaar had elk dorp op z’n minst één hotel. En binnen 5 jaar 10. De zomertoeristen wandelden en klommen vooral. Maar door buiten de bergpaden te lopen, beschadigden ze het milieu.
De wintertoeristen belastten het milieu veel zwaarder. Die wilden skiën. Dat kostte heel veel bos. Bovendien werd, vooral in Italië en Frankrijk, de steilte van een helling aangepast aan de wensen van de klant. Met bulldozers, graafmachines en dynamiet werden rotslagen van tientallen meters dik over grote oppervlakten weggehaald.
Erosie
Voor de bezoekers van skipistes werden enorme parkeerplaatsen aangelegd. En omdat al dat skiën er ook nog voor zorgt dat sneeuw ver-ijste, groeide er op de skihellingen steeds minder. Hierdoor ontstond erosie: de aarde spoelde weg. Aardverschuivingen en lawines waren het gevolg.
Sinds er zoveel toeristen komen, is ook de erosie enorm toegenomen. Uit een onderzoek van een Weense universiteit blijkt dat er in 1949 als gevolg van erosie 34 rampen in de Alpen voorkwamen. In 1985 was dat aantal al gegroeid tot 200. De grote vraag is hoe lang het nog goed zal gaan.
