In Joodse gezinnen zijn kinderen van harte welkom. In de Joodse gemeenschap mogen vrouwen zelfs hun man verlaten als ze niet voor een kind kunnen zorgen.
Als snel na de geboorte wordt het jongetje besneden. Dat hoort volgens het Joodse geloof. Binnen acht dagen na de geboorte moet de moheel (besnijder) de voorhuid van de piemel van het jongetje verwijderen. Dit is maar een kleine ingreep en kan gewoon thuis gebeuren. Toch gebeurt het soms ook in het ziekenhuis.
Naamgeving
De besnijdenis van een Joodse jongen is reden voor een feestje. Nu hoort hij er echt bij. De familie en de vrienden drinken er een glas wijn op. Op deze dag krijgt de jongen ook zijn Joodse naam. Bijvoorbeeld Moshe, dat is Hebreeuws voor Mozes. Deze Joodse naam hoeft niet dezelfde naam te zijn als zijn gewone naam. Je kunt het vergelijken met een doopnaam. Ook joodse meisjes krijgen een Joodse naam. Rivka bijvoorbeeld, zo wordt Rebecca uitgesproken. Joodse meisjes krijgen hun Joodse naam soms in de synagoge (gebedshuis). De vader en moeder laten daar een dankgebed uitspreken voor de geboorte van hun dochter.
Keppel
Joodse kinderen dragen vaak een keppel op hun hoofd. Zeker als zij in de synagoge komen, moeten zij hun hoofd bedekken met deze keppel. Tegenwoordig borduurt men vaak de joodse naam op het keppeltje van het kind. Dat is een leuk presentje voor de geboorte.
