Schooltv Actueel

Vak:
Economie
Thema:
Banken
Onderwerp:
Monetair beleid

Sparen

Eigenlijk leen je jouw geld uit aan de bank

Geld dat je verdient met een bijbaantje kun je meteen uitgeven. Je hebt er dan direct plezier van. Maar je kunt er ook voor kiezen om het op een spaarrekening te zetten. Zo bouw je een reserve op voor later. Hiernaast krijg je van de bank waar je jouw geld naar toe brengt een vergoeding: rente.

In totaal hebben Nederlanders voor maar liefst 250 miljard euro op de bank staan. Dit bedrag groeit jaarlijks met een bepaald percentage. Dat is het rentebedrag. Wat deze rente precies is, hangt van een aantal dingen af. Zo speelt mee op welke bank je geld staat, of je het spaargeld direct kunt opnemen of dat je er een tijd van af moet blijven. Vaak geldt dat hoe langer het geld vast staat, hoe meer rente je krijgt.

Depositosparen

Banken hebben het liefst dat je het spaargeld voor een lange tijd vast zet. Dat is ook de reden dat je bij deze spaarvorm het meeste rente krijgt. Dit noem je depositosparen. Hierbij stort je een relatief groot bedrag (ongeveer 5000 euro), laat het minimaal een jaar staan en als bedankje krijg je ongeveer vier procent rente. Banken zijn hier blij mee, want zij gebruiken dit geld om het weer uit te lenen aan andere mensen. De bank krijgt hier ook weer een bepaald rentepercentage voor (ongeveer acht tot negen procent). De bank maakt dus winst op jouw geld!

Zekerheid

Op deze manier is het duidelijk waarom je op een langlopende spaarrekening meer rente krijgt. Banken hebben dan meer zekerheid dat ze jouw geld kunnen gebruiken om het uit te lenen. Als je op elk moment geld van je spaarrekening kunt halen, zou het in theorie kunnen gebeuren dat banken geen geld meer over houden.

Garantiefonds

Er ontstaat een probleem als banken (spaar)geld uitlenen, maar het niet meer terugkrijgen. Dit kan gebeuren als klanten van de bank failliet gaan. Het spaargeld dat eigenlijk niet van de bank is, verdwijnt dan. Maar het geld is niet van de bank, het is van jou. Daarom heeft de overkoepelende bank in Nederland, de Nederlandsche Bank, een garantiefonds in het leven geroepen. Mocht er zoiets gebeuren, dan krijgen de spaarders uit dat fonds hun geld terug. Elke bank betaalt daaraan mee.

Garantieregeling

Lange tijd was jouw spaargeld tot 20.000 euro voor honderd procent verzekerd. Dit betekent dat je dit bedrag sowieso terug zou krijgen, mocht er iets met je bank gebeuren. Een aanvullende regeling bepaalde dat je van 20.000 euro hierboven nog eens negentig procent terug kreeg. Je zou dus van je 40.000 euro altijd 38.000 euro over houden. De Nederlandse regering heeft deze regeling veranderd. Omdat het erg slecht gaat met de banken, vergoedt de regering je spaargeld nu tot 100.000 euro per persoon per rekening. Op deze manier hopen banken en regering dat je jouw geld gewoon op je spaarrekening laat staan, zodat banken het kunnen uitlenen.