Bio-Bits VMBO: Erfelijkheid

Vak:
Biologie

Opdrachten Erfelijkheid

Vragen en opdrachten bij Bio-Bits

Laborante giet vloeistof in maatglas

Hier vind je de opdrachten bij het dossier Erfelijkheid van Bio-Bits op Eigenwijzer. Gebruik de informatie op Eigenwijzer bij het beantwoorden van de vragen. Antwoorden krijg je door de muis naast het woord 'antwoord' te houden.

 

 


Een cel ontleed
Kijkvragen

Vraag 1
Wie is de uitvinder van de microscoop?

Antwoord:
Van Leeuwenhoek

Vraag 2
Hoe heet het dunne buitenste laagje van de kern?

Antwoord:
Kernmembraan

Vraag 3
Hoeveel chromosomen zitten er in de kern van een wangcel?

Antwoord:
46

Vraag 4
Wat is het bouwmateriaal van een chromosoom?

Antwoord:
DNA

Vraag 5
Van welk deel van een chromosoom maak je een DNA-profiel?

Antwoord:
Van de stukken tussen de genen.

Vraag 6
Waarom zijn rode bloedcellen ongeschikt om chromosomen te bekijken?

Antwoord:
Ze hebben geen kern en dus ook geen chromosomen.

Vraag 7
Waaruit bestaat het cytoplasma vooral?

Antwoord:
Water en eiwit

Vraag 8
Hoeveel genen zitten er in een wangcel?

Antwoord:
30.000 tot 40.000

Vraag 9
Hoe heet de erfelijkheidsleer ook wel?

Antwoord:
Genetica

Vraag 10
Uit welke chemische stof bestaat een gen?

Antwoord:
DNA


Celdeling
Kijkvragen

Vraag 1
Hoe noem je het samensmelten van een zaadcel en een eicel?

Antwoord:
Bevruchting

Vraag 2
Welk woord gebruik je om de (ongeslachtelijke) gewone celdeling aan te geven?

Antwoord:
Mitose

Vraag 3
Hoe komt het dat je een even aantal chromosomen hebt?

Antwoord:
Je krijgt evenveel chromosomen van de vader als van de moeder.

Vraag 4
Kun je aan DNA-profiel zien of iemand kleurenblind is?

Antwoord:
Nee, want kleurenblindheid heeft met genen te maken en het profiel wordt van DNA tussen de genen gemaakt.

Vraag 5
Een chromosoom bestaat uit een of twee draadjes, Hoe heet zo?n draadje?

Antwoord: Chromatide

Vraag 6
Wat gebeurt er met de chromosomen voordat een cel zich kan delen door mitose?

Antwoord: Chromosomen verdubbelen zich. Ze vormen een kopie van zichzelf.

Vraag 7
Hoe zie je aan een chromosomenportret of het van een jongen is?

Antwoord: Het paar geslachtschromosomen bestaat uit twee verschillende chromosomen (X en Y).

Vraag 8
In welk deel van de vrouwelijke geslachtsorganen ontmoet de eicel de zaadcellen?

Antwoord: In de eileider.

Vraag 9
Waarom kun je een peuk gebruiken voor het maken van een DNA-profielschets?

Antwoord: Hier zit speeksel met wangcellen aan.

Vraag 10
Wat gebeurt er in het begin van de mitose met het kernmembraan?

Antwoord: Het kernmembraan verdwijnt.



Voortplantingscellen
Kijkvragen

Vraag 1
Hoe heet de meiose ook wel?

Antwoord:
Reductiedeling

Vraag 2
Hoe geef je het vrouwelijke geslachtschromosoom aan?

Antwoord:
Met de hoofdletter X

Vraag 3
Kan het vrouwelijk geslachtschromosoom in een zaadcel zitten?

Antwoord:
Ja, de helft van alle zaadcellen heeft een X- chromosoom.

Vraag 4
Hoeveel chromosomen zitten er in een onbevruchte eicel van een mens?

Antwoord:
23

Vraag 5
Uit hoeveel chromatiden bestaand elk chromosom als de meiose net is begonnen?

Antwoord:
2

Vraag 6
Kunnen jongens eigenschappen van hun moeder krijgen?

Antwoord:
Ja, want de helft van de chromosomen van een jongen komt van de moeder.

Vraag 7
Wat doen trekdraden?

Antwoord:
Ze trekken de chromatiden weg van het midden.

Vraag 8
Wat bedoelt men met een moedercel?

Antwoord:
Dit heeft niets met vader of moeder te maken. Het is de cel, die zich gaat delen tot twee nieuwe cellen.

Vraag 9
Wanneer past men soms IVF toe?

Antwoord:
Als twee mensen verminderd vruchtbaar zijn en toch kinderen willen.

Vraag 10
Wat betekent dit symbool: ♂?

Antwoord:
Dit is het symbool voor een man.


Erfelijkheid en stambomen
Kijkvragen

Vraag 1
Hoeveel zaadcellen dringen er in een eicel waar een eeneiige tweeling uit ontstaat?

Antwoord:
1

Vraag 2
Hoe noemt men bij de politie de plek, waar een misdrijf heeft plaatsgevonden?

Antwoord:
'plaats delict'

Vraag 3
Hoe geef je in een stamboom een man aan?

Antwoord:
Met een vierkantje.

Vraag 4
In een stamboom staat de oudste generatie bovenaan. Met welke letter geef je deze generatie aan?

Antwoord:
Met de hoofdletter 'P'.

Vraag 5
Wat betekent het als je een gen aangeeft met een hoofdletter?

Antwoord:
Dit gen is dominant.

Vraag 6
Hoe noem je een man, die een gen voor 'Taaislijmziekte' heeft, maar niet aan deze ziekte lijdt?

Antwoord:
Een drager

Vraag 7
Het gen voor de oogkleur blauw geef je aan met de letter b. Wat is het genotype van een meisje met blauwe ogen?

Antwoord:
bb

Vraag 8
Hoe geef je aan, dat een recessief gen a op het geslachtschromosoom ligt?

Antwoord:
Xa

Vraag 9
Welk delingsproces zorgt ervoor, dat uit een bevruchte eicel steeds meer cellen ontstaan?

Antwoord:
Mitose

Vraag 10
Bij een stamboom staat dit: F2. Welke generatie is dit?

Antwoord:
De kleinkinderen, de tweede generatie nakomelingen uit de oudergeneratie P.