Socialisten zien als hun grote ideaal een klassenloze maatschappij, waarin er gelijkheid tussen mensen is. Om dat te bereiken moet het particulier bezit van productiemiddelen worden afgeschaft. Fabrieken, banken en grond moeten in handen van de gemeenschap komen.
Op deze manier zal er een rechtvaardiger samenleving ontstaan. In een kapitalistische maatschappij, waarin de productiemiddelen in handen zijn van een kleine groep mensen, krijg je die gelijkheid en rechtvaardigheid nooit, volgens de socialisten.
Politieke stroming
Het socialisme is de politieke stroming van de arbeiders. Binnen het socialisme heb je allerlei richtingen. Op de eerste plaats de meer gematigde socialisten, ook wel sociaal-democraten genoemd. Die willen hun ideaal geleidelijk bereiken via parlementaire weg en dus niet via een revolutie. Ze willen het bereiken door betere sociale voorzieningen en door meer medezeggenschap. De sociaal-democraten zijn voor een verzorgingsstaat. Internationaal streven ze naar solidariteit met de allerarmsten in de wereld.
Communisten
Naast de gematigde socialisten zijn er nog de radicale socialisten. Die geloven dat hun ideaal alleen door middel van een revolutie te bereiken is. Deze radicale socialisten noemen zich soms ook wel communisten. Het communisme wil een maatschappijvorm waarin de productiemiddelen (kapitaal, arbeid, grond) eigendom zijn van de gemeenschap. Uitbuiting van de arbeiders bestaat dan niet meer. Ook de staat is verdwenen.
Verschillen tussen communisme en socialisme
Communisme en socialisme zijn begrippen die eigenlijk voor hetzelfde staan. In de praktijk is het communisme de meer radicale vorm. Karl Marx, samen met Friedrich Engels een van de theoretische grondleggers van het socialisme, beschouwde het socialisme als een tussenfase tussen kapitalisme en communisme.
