IJzersterk

Ook blik wordt gerecycled

Metalen zijn voor ons erg belangrijk. Zo hebben we sieraden van platina, goud en zilver. Dakgoten zijn vaak van zink, raamkozijnen van aluminium, munten van nikkel en elektriciteitskabels van koper. En frisdrank drinken we uit blikjes van aluminium.

Metaalbewerking

De eerste metalen waar mensen mee in aanraking kwamen waren goud, zilver en koper die als kleine klompjes in beekjes gevonden werden of als aders in de bodem. Zo’n 8000 jaar geleden begonnen de mensen de metalen te bewerken. In het begin was de metaalbewerking nog vrij eenvoudig: met stukken steen werden de metalen klompjes gewoonweg in de gewenste vorm geslagen. Goud en zilver werden vooral gebruikt voor sieraden, het hardere koper voor het maken van wapens zoals pijl- en speerpunten. Maar koper is toch nog vrij zacht, dus de wapens gingen snel kapot. Na verloop van tijd ontdekte men, dat het koper veel harder werd als er met een hamer op geslagen werd.

Legering

Ongeveer 5000 jaar geleden ging men metaal smelten en in vormpjes gieten. En verschillende metalen werden met elkaar gemengd. Zo ontstond, door een beetje tin aan koper toe te voegen, brons. Een nieuw metaal dat sterk en hard is. Brons wordt nog steeds gebruikt voor munten, beelden en voor kerkklokken. Een mengsel van een metaal met een ander metaal, zoals brons, noemen we een legering. Messing is samengesteld uit koper en zink. Het heeft ongeveer dezelfde eigenschappen als koper, maar is veel goedkoper en harder. Soldeer is een legering van lood en tin.

Gebonden

De meeste metalen komen niet vrij in de natuur voor, maar zijn gebonden aan andere elementen, zoals aan zuurstof. Het zit in gesteenten die we ertsen noemen. IJzererts bestaat uit ijzeroxide, bauxiet uit aluminiumoxide. Ook vrij koper komt bijna niet in de natuur voor, maar gebonden aan bijvoorbeeld zwavel, zoals kopersulfide.