Grote belangen

handen schudden

Nefarma, de brancheorganisatie van farmaceutische bedrijven die zich richten op onderzoek en ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen, pleit ervoor dat de nieuwste geneesmiddelen zo snel mogelijk op de markt komen.

Dat – zo schrijft zij op haar website – is in het belang van de gezondheid en/of kwaliteit van leven van patiënten. Uiteraard dienen die geneesmiddelen goedgekeurd te zijn door de desbetreffende organisaties, zoals het College ter beoordeling van geneesmiddelen.

Octrooi

De tijd om te komen van octrooiaanvraag tot een geneesmiddel duurt ongeveer 12 jaar;  per nieuw middel kost die ontwikkeling gemiddeld een miljard euro. Die kosten moeten in een beperkte tijd worden terugverdiend, evenals de kosten van al het onderzoek dat niet tot een nieuw geneesmiddel heeft geleid. Daarna verloopt namelijk het octrooi (en het eventuele Aanvullend Beschermingscertificaat) en mag iedereen het middel namaken en op de markt brengen. Aldus Nefarma.

Experimentele middelen

In een interview van juni 2008 pleit Wim Huppes, oud-internist en zelf kankerpatiënt, ervoor dat wanneer bestaande medicijnen of behandelingen weinig soelaas bieden, patiënten experimentele middelen en methoden mogen uitproberen. Zij moeten dan wel zelf de effecten en bijwerkingen bijhouden en de gegevens invoeren in een nieuw op te zetten kennisbank. Daarnaast dienen zij medische onderteuning te krijgen. Volgens Huppes zal dit leiden tot snellere invoering van nieuwe behandelingen , gaan de kosten per nieuw ingevoerd geneesmiddel aanzienlijk omlaag en wordt de ontwikkelingstijd van dat middel teruggebracht tot slechts twee jaar.

Belangen

Zo te zien gaan hier de belangen van de terminale patiënt en de farmaceutische industrie samen. In nieuwe wetgeving kan zorgvuldig worden vastgelegd onder welke omstandigheden terminaal zieken gebruik mogen maken van experimentele geneesmiddelen. Het ligt bijvoorbeeld niet voor de hand dat dit al in de preklinische fase van het onderzoek mag gebeuren. Alles valt en staat echter met de bereidheid van artsen hieraan medewerking te verlenen en de bereidheid van de farmaceutische industrie om heel transparant te communiceren over haar belangen.