Wanneer energie omgezet wordt in een andere vorm ontstaat warmte. Vaak is deze warmte ongewenst, omdat het de bedoeling is om een ander soort energie vrij te laten komen (bijvoorbeeld warmte of licht). Deze warmte verplaatst zich als de temperatuur verandert.
Warmte is de reden dat er koelvloeistof in een auto zit. De warmte die vrijkomt bij de verbranding van benzine wordt afgevoerd door het koelvloeistof. Zou dit niet gebeuren, dan zou de auto oververhit raken.
Stroming
Deze manier van warmtetransport noem je ook wel stroming. Dit gebeurt als een vloeibare stof de warmte afvoert. Naast koelvloeistof in auto’s wordt stroming ook in electriciteitscentrale’s gebruikt. Water zorgt ervoor dat de warmte afgevoerd wordt.
Geleiding
Naast stroming heb je ook geleiding. Op deze manier wordt de warmte verplaatst door een vaste stof. Als voorbeeld kun je een radiator nemen van een centrale verwarming. De cv pompt warm water rond en zorgt ervoor dat het metaal van de radiator warm wordt. De warmte is nu van het water overgegaan op het metaal. Geleiding noem je ook wel inductie. Dat woord kom je ook tegen in inductieplaat. Deze kookplaat werkt ook via het principe van warmtegeleiding.
Straling
De laatste manier om warmte te verplaatsen is straling. Hierbij is geen andere stof nodig. De warmte wordt hierbij in stralingsenergie omgezet. Eigenlijk straalt alles warmte uit. Technisch gezien doet het dat pas vanaf een warmte van nul graden Kelvin. Maar omdat dit hetzelfde is als –273 graden Celcius kun je er vanuit gaan dat alles warmte uitstraalt. Houd je hand maar eens bij vlak bij het LCD-scherm. Of dicht bij je gezicht. En natuurlijk werkt de radiator ook op deze manier.
