Je kunt jaren naar school gaan om te leren voor wat je later wilt worden, maar zonder stage te lopen kom je er nooit. Het is belangrijk dat je voordat je klaar bent met je opleiding even echt hebt gezien en gevoeld hoe het werk is waarvoor je leert.
Sommige mensen zeggen wel eens dat je het eigenlijke werk ook pas leert tijdens het werken. En misschien is dat wel zo. Maar zonder kennis te hebben van wat je moet doen, zal het ook niet lukken. Daarom is een combinatie van beide onmisbaar.
VMBO
Omdat het VMBO je voorbereidt op een opleiding waarmee je voor een vak gaat leren, is stage lopen belangrijk. Daarom begin je in elke leerweg van het VMBO met een snuffelstage. Tijdens deze korte stage kun je even ruiken aan de mogelijkheden die er allemaal zijn.
Snuffelstage
Een snuffelstage is een korte stage waarbij je bij een bedrijf even rond mag kijken. Je hoeft nog niet echt aan de slag, maar kan proeven van alles wat er te zien en te doen is in het bedrijf waar je stage loopt.
Arbeidsoriënterende stage
Nu je weet hoe bedrijven ongeveer werken is het tijd voor een volgende stage. De arbeidsoriënterende stage. Hierin mag je al wat meer doen. Zelfstandig werken en leren om tempo te maken zijn belangrijke leerpunten van deze stage.
De laatste stage van de theoretische, gemengde en beroepsgerichte leerweg van het VMBO is de beroepsvoorbereidende stage. Dit is een echte stage, waarbij je echt aan de slag gaat en leert wat je kunt worden. Door tijdens deze stage goed te laten zien wat je kunt, zou je een echte baan bij het bedrijf kunnen krijgen.
Leerwerktraject
Volg je de basisberoepsgerichte leerweg, dan kun je na de bovengenoemde stages ook meedoen aan een leerwerktraject. Je volgt het derde en vierde jaar dan niet op school, maar bij een stagebedrijf. Hier leer je veel over de werkzaamheden, maar bereidt je jezelf ook voor op een vervolgopleiding. Bijvoorbeeld op het MBO. De leerwerktrajecten worden daarom vaak in samenwerking met zo’n MBO-school opgezet.
Maatschappelijke stage
Op de HAVO en VWO heb je nog niet veel te maken met stages. De enige stage die voor deze leerlingen interessant is, is de maatschappelijke stage. Hiervoor moet je aan de slag om de maatschappij te leren kennen. Dit kan bijvoorbeeld een stage zijn in een verzorgingstehuis, bij een sportclub of in een winkel.
De maatschappelijke stage duurt vaak 40 uur. Deze uren mag je in overleg met je stageplaats en je docent inplannen. Je kunt er dus voor kiezen om een hele week te werken, maar je kunt ook afspreken dat je tien weken lang bijvoorbeeld 4 uur werkt.
Voor een maatschappelijke stage ga je eerst op onderzoek uit. Bedenk wat je graag wilt doen. Weet je al wat je wilt? Overleg dit dan met je begeleider van school. Als alles geregeld is, vertelt hij/zij je met wie je contact op moet nemen. Zorg er dan voor dat je bij het kennismakingsgesprek een contract opstelt. Hierin staan de afspraken die je maakt met het de aanbieder van jouw maatschappelijke stage. Dus bijvoorbeeld wanneer en hoe lang je komt werken. Als jij en de stageaanbieder hun handtekeningen onder het contract hebben gezet, moet je dit twee keer kopiëren. Een kopie hiervan is voor jou en de andere is voor het bedrijf of de instelling waar je gaat werken.
