In het tv-programma “Mamma waarom ben ik besneden” woedt een soms heftige discussie tussen voor- en tegenstanders van jongensbesnijdenis. Hoofdpersoon is Michael Schaap die boos is over zijn besnijdenis. Hij werd na een felle discussie binnen zijn familie na acht maanden besneden. Zijn moeder heeft toen een brief aan hem geschreven waarin zij hem de reden voor de ingreep probeerde uit te leggen.
"We want it back!"
Michael Schaap neemt een heel duidelijk standpunt in over zijn besnijdenis. “Het valt niet te ontkennen dat jongensbesnijdenis een aantasting is van de lichamelijke integriteit. Een voor jongetjes ongevraagde niet-medisch-noodzakelijke ingreep met verstrekkende gevolgen.” In Engeland wordt actie gevoerd door een club als NORM, de National Organisation for Restoring Men, onder de kreet: "We want it back!" En ook hier in Nederland is een discussie gaande tussen artsen en ethici over de toelaatbaarheid van het besnijden van jongetjes.
Referendum voor wettelijk verbod op het besnijden van kinderen
Jongensbesnijdenis, in de Verenigde Staten een bedrijfstak met een jaarlijkse omzet van meer dan 1 miljard dollar, is daar onderwerp van een fel en emotioneel debat. In San Francisco wordt bijvoorbeeld actie gevoerd door Lloyd Schofield. Hij haalt handtekeningen op om in november 2011 een referendum te kunnen houden met als doel een wettelijk verbod op het besnijden van kinderen. Als reden hiervoor geeft hij op: “The base of our argument is you’re spending incredible amounts of money doing painful and damaging surgery to an unwilling patient.”
De enige uitzondering die in zijn ogen is toegestaan, is wanneer er een onmiddellijke, duidelijk medische noodzaak is voor de ingreep. ”It would make all other foreskin cutting a misdemeanor punishable by a fine of up to $1,000 and jail time for up to a year.”, besluit hij zijn betoog.
In Nederland geen wettelijk verbod
In de Verenigde Staten lopen tal van rechtszaken; tegen artsen, ziekenhuizen en ouders. Maar hier in Nederland blijft het op een enkele uitzondering na stil. Reden hiervoor kan zijn dat men meent dat besnijden een gebruik is dat alleen bij moslims en joden voorkomt en dus valt onder de vrijheid van godsdienst. Wel heeft de KNMG (Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst) gepleit voor een wettelijk verbod op niet-therapeutische besnijdenis bij minderjarige jongens. De Raad voor de Volksgezondheid en Zorg was het niet eens met de KNMG en bracht een eigen standpunt naar buiten. Overigens benadrukt de KNMG geen voorstander te zijn van een wettelijk verbod.

