Hindoes geloven niet dat de dood het einde is. Zij geloven dat er in elk mens en dier een goddelijk iets zit, het atman, dat telkens als een ander organisme terug komt.
Hoe je terug komt, hangt af van jezelf. Leef je goed, dan kom je terug als hoger geplaatst mens. Maar leef je minder goed, dan kun je zomaar reïncarneren als bromvlieg. Toch hoeft de atman niet oneindig te reïncarneren. Er drie wegen zijn om verlost te worden van de kringloop van wedergeboorten.
Verlossing
Omdat de atman door al deze rëincarnaties geen rust kan vinden, is het uiteindelijke doel van de hindoe de verlossing uit de wedergeboorten. Hindoes kunnen dit op bepaalde manieren bereiken. De mens hoeft niet echt voor één weg te kiezen, hij kan de wegen ook combineren. Twee van die wegen moet de mens zelf nemen, hij of zij krijgt geen hulp van een Messias of van god.
Manieren
De eerste weg is je losmaken van de onwetendheid door meditatie. De tweede weg die een mens kan gaan, is de weg van de goede werken. Dat is doen wat je moet doen. Iedere kaste kent namelijk regels en daar moet je je als gelovige aan houden. De derde weg is de weg van de toewijding aan god: door zijn genade krijgt de mens de hoogste vrede. Hindoes zeggen dat een mens als het ware één wordt met God en daardoor niet meer opnieuw wordt geboren.
