El commandante (de bevelhebber), El Líder Maximo (het opperhoofd) of La Barba (de baard). Het zijn allemaal bijnamen voor de man die het bijna 50 jaar voor het zeggen had op Cuba. Fidel Castro.
Er was geen tussenweg. Of je vond hem helemaal geweldig of je vond hem helemaal niets. Fidel Alejandro Castro Cruz was de grote baas van Cuba en liet zich door niemand vertellen wat hij moest doen. Maar in de tijd dat Castro president was van Cuba ging het eigenlijk helemaal niet zo goed met het land. Schending van mensenrechten, armoede en mislukte oogsten waren aan de orde van de dag.
Jeugd
Fidel Castro is geboren op 13 augustus 1926. Zijn vader was een Spaanse immigrant die door het werk op de plantage erg rijk is geworden. Zijn moeder was een bediende. Fidel studeerde rechten, maar was van jongs af aan al geïnteresseerd in de politiek. Hij had vooral kritiek op generaal Batista, die in zijn ogen veel te veel samenwerkte met Amerika. Castro vond dat Cuba best zichzelf kon besturen, zonder bemoeienis van de Verenigde Staten.
Mislukking
Batista regeerde van 1934 tot 1944, maar kwam via een staatsgreep in 1952 weer aan de macht. Voor Castro was de maat vol. Hij kon het niet aanzien hoe zijn Cuba steeds meer veramerikaniseerde. Fidel Castro besloot om een gewapende overval op een politiekazerne te organiseren, want volgens hem was geweld de enige manier om zijn politieke doelen te bereiken. Dit mislukte en Castro werd opgepakt. Hij kreeg vijftien jaar gevangenisstraf, maar kwam na een generaal pardon al na twee jaar vrij.
Revolutie
Fidel Castro vluchtte naar Mexico en Amerika en begon daar mensen te verzamelen die hem konden helpen van Batista af te komen. Samen met onder anderen Che Guevara en zijn broer Raúl Castro richtte hij de Revolutionaire Beweging van de 26e juli op. Met deze groep mensen probeerde hij het in 1956 nog een keer. En dat ging beter. Na twee jaar strijden vluchtte de in Castro’s ogen landverradende Batista. Vanaf dat moment nam Fidel Castro de macht over en benoemde zichzelf op 16 februari 1959 tot de premier van Cuba.
Amerika
Direct hierna begon hij al het land dat Amerikaanse bedrijven bezaten op te eisen. Hij verdeelde dit land vervolgens onder de Cubaanse boeren. Ook werden de helpers van Batista geëxecuteerd. Dit schoot Amerika in het verkeerde keelgat. De Amerikaanse president Eisenhower wilde Fidel Castro in 1959 dan ook niet op het Witte Huis ontvangen. Castro was hier zo boos over dat hij in plaats van toenadering tot Amerika, toenadering tot de Sovjet-Unie zocht.
Sovjet-Unie
Moskou wilde wel helpen en bracht een hoop geld binnen voor onderwijs, zorg en werkgelegenheid. In deze tijd leerde Fidel Castro het Russische communisme kennen. Hij zag er wel wat in en besloot dat zijn revolutie een socialistische revolutie was. Amerika vond dat maar niets. Een land zo dichtbij, dat kiest voor het communisme. De Verenigde Staten besloten daarop op 17 april 1961 samen met Cubaanse vluchtelingen in Amerika Cuba aan te vallen. Dit wordt de Invasie van de Varkensbaai genoemd.
Helaas voor Amerika won Castro overtuigend. Hij liet twee Amerikaanse marineschepen zinken en executeerde vele manschappen. Hierdoor werd Fidel Castro nog populairder bij de Cubaanse bevolking.
Cubacrisis
De volgende confrontatie met Amerika vond plaats in 1962 tijdens de Cubacrisis. Moskou wilde kernraketten plaatsen op Cuba, maar toen Amerika dat ontdekte besloot het land Cuba te blokkeren. Als Rusland de boten met de raketten niet rechtsomkeert zou laten maken, zou Amerika een atoomoorlog beginnen. Op het allerlaatste moment besloot Rusland om zich toch maar terug te trekken en zo een kernoorlog te voorkomen.
Geldproblemen
Op 3 december 1976 benoemde Castro zichzelf tot president van Cuba. Amerika had ondertussen alle banden met Cuba afgesneden en een handelsembargo ingesteld. Dit was geen probleem, totdat de Sovjet-Unie in 1991 ophield te bestaan. Het geld dat Castro tot nu toe steeds van het land kreeg, bleef weg en er ontstonden grote economische crises.
Nu werd het voor veel inwoners van Cuba duidelijk dat ‘El commandante’ niet president Castro was, maar dictator Castro. Hij duldde geen tegenspraak en legde tegenstanders enorme straffen op. Er was geen geld meer voor onderwijs en voor medische zorg. Er ontstonden zelfs grote voedseltekorten op het eiland. In deze tijd vluchtten er maar liefst een miljoen Cubanen naar het buitenland.
Ziekte
In 2006 werd Fidel Castro ziek. Zo ziek dat hij tijdelijk de macht overdroeg aan zijn broer Raúl Castro. Het ging zo slecht met hem, dat veel mensen dachten dat hij al overleden zou zijn. Maar een televisie-interview met Fidel Castro vanuit het ziekenhuis weerlegde dat. Toch droeg hij op 19 februari 2008 de macht definitief over aan zijn broer. Na vijftig jaar kwam er dan toch een einde aan de macht van ‘El commandante’.
