Tamme dieren worden ook wel huisdieren genoemd. Ze worden door mensen verzorgd en kunnen (meestal) niet zelf in de natuur overleven. Wilde dieren kunnen wel voor zichzelf zorgen.
De meeste tamme dieren kunnen de winter niet alleen doorkomen. Honden en katten zijn in Nederland huisdieren, maar ook cavia’s, schildpadden, kippen, paarden en een koeien zijn dat.
Leguaan
Sommige mensen hebben een terrarium met een leguaan. Dit is een reptiel. Je kunt het zien aan de groene kleur en zijn schubben. Hij legt eieren en komt in het wild voor in tropische gebieden, zoals Curaçao. De leguaan eet vooral planten (vruchten, bloemen, bladeren) en soms insecten. Omdat het is in Nederland in de winter te koud is, kan hij hier niet overleven. Daarom kan de leguaan in Nederland alleen als huisdier gehouden worden.
Duif
De stadsduif is een vogel. Dit gewervelde dier met veren kan vliegen en legt eieren met een kalkschaal. Duiven worden ook als huisdier gehouden. Dit komt omdat duiven namelijk heel goed de weg naar huis terug kunnen vinden. Er worden zelfs wedstrijden mee gehouden.
Wilde duiven
Sommige duiven zijn verwilderd en kunnen ook zelfstandig in de stad leven. Ze eten zaden, maar redden zich ook prima met resten van eten die mensen weggooien of bewust aan de dieren voeren. Op plaatsen waar ze gevoerd worden, zie je er vaak erg veel.
In de stad vinden zij ook prima nestplekken: in bomen, in nissen van gebouwen en onder bruggen. De gewone stadsduiven stammen af van rotsduiven. Dit zijn de zogenaamde hoogbroeders. In de winter is het voor duiven een stuk makkelijker overleven in de stad dan in het wild.
