Op onze reis door de ruimte worden we trouw begeleid door de maan. Er zijn veel donkere plekken waarneembaar. De maan is kleiner dan de aarde waardoor er minder zwaartekracht is. Astronauten kunnen daarom grote luchtsprongen maken als ze op de maan lopen.
Satelliet van de aarde
Een satelliet is een voorwerp dat om een ander zwaarder voorwerp heen draait. Natuurlijke satellieten zijn planetoïden die door de zwaartekracht van een planeet in hun baan worden gehouden. De maan is een satelliet van de aarde en zo is de aarde op zijn beurt een satelliet van de zon. Naast de aarde zijn er nog andere planeten in ons zonnestelsel die over manen beschikken. Zo heeft Jupiter zestien en Saturnus zelfs 22 manen. Kunstsatellieten zijn onbemande toestellen die de mens in een baan om de aarde heeft gebracht. Je kunt hierbij denken aan de weerssatellieten, gps en telecommunicatiesatellieten.
De maan onder de loep genomen
De maan draait in ongeveer 28 dagen om de aarde. De maan beschikt niet over een atmosfeer zoals we die op aarde kennen. Er is geen lucht om in te ademen en als de zon schijnt, wordt de maan wel 100° C. Maar op delen waar de zon niet of nauwelijks schijnt, zoals op de polen, kan het heel koud worden: wel -180° C. Bovendien komt er geen druppel water voor. De afstand van de aarde naar de maan is 380.000 kilometer. Dat lijkt heel veel, maar vergeleken met de enorme afstanden in de ruimte is dit bijna niets. Als je naar de maan kijkt, kun je allemaal donkere vlekken op het oppervlak zien. Dit zijn kraters die ontstonden toen ons zonnestelsel geboren werd. De maan heeft geen atmosfeer zoals de aarde en daarom zijn deze kraters na 4 miljard jaar nog steeds goed te zien.
‘Jumpen’ op de maan
De maan is met een middellijn van ruim 3.400 kilometer veel kleiner dan de aarde. Een gevolg hiervan is dat de zwaartekracht op de maan kleiner is dan op aarde. Astronauten, gewend aan de aardse zwaartekracht, lijken zich op de maan dan ook vaak ‘onbeholpen’ te bewegen. Hoge sprongen maken gaat er wel een stuk gemakkelijker dan op de aarde, want je weegt er maar een zesde van je normale gewicht. Dus als je 60 kilo op aarde weegt, dan weeg je op de maan maar 10 kilo. De maan heeft ondanks zijn geringe zwaartekracht toch een invloed op onze aarde. Het verschil tussen eb en vloed wordt mede door de maan bepaald.
