Je oog is een zintuig dat gebruik maakt van licht om een beeld door te geven aan visuele schors in de hersenen.
Dit is een link naar de pagina waar deze clip op staat. Deze kan je kopiëren en in een presentatie, digitale les of website plaatsen.
Dit is een stukje code waarmee je de speler met clip in een webpagina kan opnemen. Copieer de code en plak het exact zo in de HTML-code van de pagina.
Deze link is om de clip in een pop-up te tonen, een kleiner venster boven je pagina. Handig als je de clip niet in de pagina wilt zetten met EMBED.
Er valt licht op het oog, het passeert het hoornvlies. Het gaat het oog binnen door een opening: de pupil. Het licht raakt de lens die de lichtstralen breekt zodat het beeld op de achterwand van het oog wordt geprojecteerd: het netvlies. Je kijkt bijvoorbeeld naar een dennenboom. En zo komt ie op het netvlies terecht. Een verkleind beeld op zijn kop. Net als de diafragmaopening van een camera wordt ook de pupil groter en kleiner om te bepalen hoeveel licht erin valt. En er is een lenzensysteem, maar het oog is geen camera. In plaats van een film heeft het oog het netvlies. Een laag lichtgevoelige cellen op de achterwand van het oog: het netvlies. Het bestaat uit twee soorten cellen: staafjes en kegeltjes. Staafjes komen het meeste voor. Met de kegeltjes kunnen we kleuren zien. Ze reageren op verschillende golflengtes van het licht: rood, blauw, groen. Vanuit het netvlies gaan er dan impulsen via de gezichtszenuw naar de hersenen. Een korte route. De ogen zijn eigenlijk een verlengstuk van de hersenen. De impulsen van de linkerkant van het netvlies gaan naar de visuele schors in de rechterhelft. En van de rechterkant gaan ze naar de linkerhersenhelft.
Hier vind je achtergondinformatie van Eigenwijzer.
Eigenwijzer is de site van schoolTV voor je werkstuk, spreekbeurt en andere opdrachten.
Je neemt voortdurend informatie op. Om telkens op de juiste manier reageren, heb je je hersenen. Zij verwerken de opgenomen informatie en sturen je lichaam aan.
Hersenen ontwikkelen zich al vanaf het eerste stadium van een embryo. Dat moet wel, want leven is onmogelijk zonder een goed ontwikkeld zenuwstelsel.
In het dagelijks leven wordt het geheugen meestal als een eenheid beschouwd, maar feitelijk kunnen zowel verschillende soorten geheugens worden onderscheiden als verschillende fasen.
Aristoteles was een Griek en werd geboren in 384 v. Chr. Op zijn 17de ging hij naar Athene en was een leerling van Plato. Aristoteles studeerde twintig jaar aan Plato’s academie, tot Plato in 347 v. Chr. overleed.
In 343 v. Chr. vroeg Philip II Aristoteles zijn zoon Alexander les te geven. Deze Alexander was Alexander de Grote. In 335 v. Chr. keerde Aristoteles terug naar Athene. Daar stichtte hij een school in de Peripatos (wandelgang) van het Lyceum (Grieks Lykeion). Aristoteles leidde het lyceum tot Alexander de Grote stierf in 323 v. Chr. Zelf overlijdt Aristoteles in 322 v. Chr.