Bloed is samengesteld uit bloedplasma en bloedcellen. Bloedplasma bestaat voor het grootste deel uit water. Hierin worden onder andere voedingsstoffen, afvalstoffen en hormonen vervoerd. In het bloedplasma zweven ook verschillende bloedcellen met een eigen functie.
Dit is een link naar de pagina waar deze clip op staat. Deze kan je kopiëren en in een presentatie, digitale les of website plaatsen.
Dit is een stukje code waarmee je de speler met clip in een webpagina kan opnemen. Copieer de code en plak het exact zo in de HTML-code van de pagina.
Deze link is om de clip in een pop-up te tonen, een kleiner venster boven je pagina. Handig als je de clip niet in de pagina wilt zetten met EMBED.
In je lichaam stroomt z’n 5 liter bloed. Ongeveer de helft van het bloed bestaat uit een lichtgele vloeistof: het bloedplasma. Hierin zitten de voedingsstoffen, afvalstoffen en koolstofdioxide opgelost. De andere helft van het bloed bestaat uit bloedcellen en bloedplaatjes. Er zijn 2 typen bloedcellen. Rode bloedcellen vervoeren de zuurstof. Witte bloedcellen vernietigen bacteriën en andere ziekteverwekkers die je lichaam binnengedrongen zijn. Wondjes gaan dicht omdat de bloedplaatjes aan de wond vastplakken. Er ontstaat een netwerk van draden. Dit vormt een korstje en na een tijdje is de wond genezen.
Hier vind je achtergondinformatie van Eigenwijzer.
Eigenwijzer is de site van schoolTV voor je werkstuk, spreekbeurt en andere opdrachten.
De kennis van het gedrag van dieren bestond in de middeleeuwen uit een mengsel van fantasie en werkelijkheid. Men schreef oude teksten kritiekloos over en voegde er niets nieuws aan toe. Toepasbare kennis was er wel. Jagers, vissers en herders maakten daar volop gebruik van.
Iedereen heeft een vingerafdruk. En niemand heeft dezelfde. Alle vingerafdrukken zijn dus uniek!
Het scheppingslied of scheppingsverhaal is het eerste geschrift van de bijbel. Voor joden en christenen is het heel herkenbaar. Dit geldt ook voor het verhaal dat daarna komt.
Aristoteles was een Griek en werd geboren in 384 v. Chr. Op zijn 17de ging hij naar Athene en was een leerling van Plato. Aristoteles studeerde twintig jaar aan Plato’s academie, tot Plato in 347 v. Chr. overleed.
In 343 v. Chr. vroeg Philip II Aristoteles zijn zoon Alexander les te geven. Deze Alexander was Alexander de Grote. In 335 v. Chr. keerde Aristoteles terug naar Athene. Daar stichtte hij een school in de Peripatos (wandelgang) van het Lyceum (Grieks Lykeion). Aristoteles leidde het lyceum tot Alexander de Grote stierf in 323 v. Chr. Zelf overlijdt Aristoteles in 322 v. Chr.
Ergens wonen, het volgen van onderwijs en een eigen mening hebben is erg belangrijk. In Nederland lijkt het vanzelfsprekend, maar in het buitenland is dat nog helemaal niet zo. In landen zoals China, Egypte en Congo mogen mensen helemaal niet zoveel.