's Avonds zie je ze soms rond straatlantaarns fladderen: nachtvlinders.
Dit is een link naar de pagina waar deze clip op staat. Deze kan je kopiëren en in een presentatie, digitale les of website plaatsen.
Dit is een stukje code waarmee je de speler met clip in een webpagina kan opnemen. Copieer de code en plak het exact zo in de HTML-code van de pagina.
Deze link is om de clip in een pop-up te tonen, een kleiner venster boven je pagina. Handig als je de clip niet in de pagina wilt zetten met EMBED.
Er zijn vlinders die overdag vliegen, maar ook vlinders die ’s nachts vliegen: nachtvlinders! Wat zijn de verschillen tussen dag- en nachtvlinders?!? Allereerst: de voelsprieten. Bij dagvlinders eindigen de voelsprieten altijd in een knopje. De voelsprieten van nachtvlinders lijken op een soort veertjes. Omdat ze ’s nachts niets kunnen zien gebruiken ze hun voelsprieten ook om eten of een partner te vinden. En de vleugels: Dagvlinders hebben felgekleurde vleugels, bijvoorbeeld rood, geel of blauw. De vleugels van nachtvlinders zijn meestal onopvallend gekleurd zoals bruin, zwart of grijs. De vleugels van dagvlinders staan in rust meestal omhoog, vlak tegen elkaar aan geklapt. Bij nachtvlinders liggen de vleugels plat over het lijf gevouwen als de vlinder in rust is. Vlinders moeten zich opwarmen om te kunnen vliegen. Door met de spieren te trillen warmt een nachtvlinder zich op tot de juiste temperatuur om te vliegen. De haartjes die veel nachtvlinders hebben zorgen ervoor dat de warmte wordt vastgehouden.