Grote paniek op Wall Street op 24 oktober 1929. Het begin van de wereldwijde crisis in de jaren dertig.
Dit is een link naar de pagina waar deze clip op staat. Deze kan je kopiëren en in een presentatie, digitale les of website plaatsen.
Dit is een stukje code waarmee je de speler met clip in een webpagina kan opnemen. Copieer de code en plak het exact zo in de HTML-code van de pagina.
Deze link is om de clip in een pop-up te tonen, een kleiner venster boven je pagina. Handig als je de clip niet in de pagina wilt zetten met EMBED.
Aandelen worden gekocht en verkocht op beurzen, zoals hier op de beurs van Wall Street in New York. Op 24 oktober 1929 gaat het op deze beurs helemaal mis. Die dag heet zwarte donderdag, of wel black thursday.
Mensen die aandelen hebben raken in paniek en willen zo snel mogelijk hun aandelen verkopen om hun geld terug te krijgen. Maar dat mislukt. De aandelen blijken helemaal niets meer waard te zijn. De mensen raken in één klap hun geld kwijt. Crisis noemen we dat. En als het mis gaat in Amerika dan merkt de rest van de wereld dat ook.
Amerika heeft nu geen geld meer om producten uit andere landen te kopen, zoals bijvoorbeeld Nederland. Nederland verkocht bloemen en groente aan Amerika. En die handel komt stil te liggen. Daardoor komt er ook crisis in Nederland.
In SchoolTV-beeldbank Plus vindt u bij veel clips digilessen, quizzen en werkbladen.
Hier vind je achtergondinformatie van Eigenwijzer.
Eigenwijzer is de site van schoolTV voor je werkstuk, spreekbeurt en andere opdrachten.
Voordat de euro werd ingevoerd, had elk land zijn eigen munt met elk zijn eigen wisselkoers. Deze wisselkoersen verschilden per dag heel erg. Hierdoor was het erg moeilijk om binnen Europa goed economisch samen te kunnen werken. Om dit te kunnen verbeteren werd er in het Verdag van Maastricht (1992) afgesproken dat de deelnemende landen hun economie op elkaar af zouden stemmen.
Op een markt van volledige vrije mededinging wordt het gedrag van producenten en consumenten afgestemd met behulp van het prijsmechanisme. Prijzen geven producenten informatie over de door de consument gewilde producten en hoeveel zij willen afnemen. Consumenten worden anderzijds geïnformeerd over de productiemogelijkheden van de producenten.
Een opvallend verschijnsel is de op- en neergaan van de economie. Je kunt dit vergelijken met een golfbeweging. Hiervoor wordt het begrip 'conjunctuur' gebruikt.
In tijden van crisis hoor je er vaak over in het nieuws: werkloosheid. Bedrijven moeten bezuinigen en nemen weinig nieuwe mensen in dienst of zetten mensen op straat. Die worden daardoor werkloos.
Door je geld op een spaarrekening te zetten, krijg je elk jaar een bepaald bedrag aan rente. Dat is vaak niet zoveel. Je kunt meer verdienen door het te beleggen. Het nadeel hiervan is dat je het geld net zo gemakkelijk kwijt kunt raken.